Media


Column de Volkskrant

Mooie column in de Volkskrant door Toine Heijmans over de avond (2 mei 2017) waarop ik, samen met de directeur van het museum Wiel Lenders, twee Syrische vluchtelingen (zie foto rechts) interviewde in het Bevrijdingsmuseum, Groesbeek en over de emotionele discussie die vervolgens ontstond. De manier waarop Wiel Lenders de avond verder in goede banen leidde, was fenomenaal.

Klik op de link hieronder om de column te lezen.
s.vk.nl/s-a4492625/

Interview Radio FunX

Radio-interview met NPO jongerenzender Radio FunX, over het gesprek met de Syrische vluchtelingen in het Bevrijdingsmuseum van Groesbeek

Artikel Gemeente Nieuws Overbetuwe

Tijdens een avond georganiseerd door Spirituele Ontmoeting Heteren beantwoordde ik vragen over de komst van 400 Syrische vluchtelingen in mijn wijk in september 2015. Een jaar later interviewde ik twee van deze vluchtelingen, Mohammed Obedo (37) en Mahmoud Shikhali (27), in het dorpshuis van Heteren over hun vlucht naar Europa en hun belevenissen in Nederland.

Interview RTV Arnhem, 17 september 2014

Artikel de Gelderlander, vrijdag 7 maart 2014




Tekst onder foto:
Schrijfster Marike Spee en haar hoofdpersoon Gé Bijlsma in de Janslangstraat in Arnhem. De donkergrijze muur staat op de plek waar in de oorlog het huis van Bijlsma’s grootouders stond.

OORLOGSLIJDEN DAT MAAR NIET VOORBIJ GAAT

Marike Spee schreef een novelle over de oorlogsellende van kleuter Gé Bijlsma (nu 74).
Door Henk Aalbers

ARNHEM/DIEREN - Toen oud-politicus en auteur Jan Terlouw zijn kinderen over de oorlog vertelde, realiseerde hij zich dat hij moest oppassen dat ze niet mochten gaan denken dat oorlog lekker spannend is, of heerlijk romantisch. ‘Oorlog is vreselijk, oorlog betekent angst en verlies en onrecht’, aldus Terlouw in het voorwoord van de nog te verschijnen novelle Gaan we nou dood? van de Arnhemse schrijfster Marike Spee. ‘Er is niets moois aan oorlogen’, schrijft hij in datzelfde voorwoord. De hoofdpersoon in de biografische novelle is de nu 74-jarige Gé Bijlsma uit Dieren. „Uit Arnhem”, zegt hij liever. Want daar gebeurde het allemaal, in de tijd dat hij als kleuter aan het Jansplein woonde.

In september 1944, tijdens de Slag om Arnhem, beleefde de toen 4-jarige Gé bange momenten in de kelder van zijn grootouders aan de Janslangstraat, vlakbij de ouderlijke woning. Met zijn oma, opa, moeder, zusjes, een paar tantes en enkele buren voelde hij hoe de bommen insloegen op het nabijgelegen Gele Rijdersplein. Ook tijdens de evacuatie die op de Slag volgde, maakte het ventje veel verschrikkelijks mee. Hij zag dingen die geen mens wil zien, laat staan een kind van vier.

‘Tot op de dag van vandaag lijdt Gé onder alles wat hij tijdens die periode moest doorstaan. Nog wekelijks droomt hij over beangstigende situaties waarin hij bijna stikt. Van onverwachte knallen, alarmen die ineens afgaan of harde kloppen op de deur kan hij vreselijk schrikken of in paniek raken. Door de intense kou die hij leed in de laatste oorlogswinter, kan ook sneeuw hem nog steeds angstig maken’, schrijft Spee in haar inleiding op de novelle.

Dat zij en Bijlsma elkaar vonden, kwam door een samenloop van omstandigheden. „Gé is de buurman van mijn zus in Dieren. Tijdens een buurtbarbecue raakten ze aan de praat. Gé vertelde zijn verhaal. De volgende dag vertelde ze het mij. Ze was zichtbaar onder de indruk. En dat was ik ook.” Toen Bijlsma vroeg of Spee van zijn verhaal een boek wilde maken, was de samenwerking snel geboren. In zeven sessies vertelde hij zijn verhaal. „Ik vond het fijn dat het werd opgeschreven”, zegt hij. „Nu kan het nog.” Hij noemt drie belangrijke redenen waarom de novelle er moest komen. Om te beginnen deed hij het voor zijn vrouw en kinderen. Verder draagt het volgens hem bij aan de geschiedschrijving over Arnhem. En het kan een rol spelen in onderwijs en opvoeding.

Spee: „De novelle is geschikt voor lezers vanaf 12 jaar.” De schrijfster heeft het persoonlijke verhaal van Bijlsma aangevuld met algemene feiten over de oorlog in Arnhem.

Een therapeutisch effect heeft zijn medewerking aan het boekje volgens hem niet gehad. In het nawoord richt hij zich tot de lezer: ‘Het is nu 70 jaar geleden dat de Slag om Arnhem plaatsvond en ik wou dat het verleden ophield. Maar het gaat maar door. Hoe ouder ik word, hoe meer de herinneringen in me rondspoken.’

‘Gaan we nou dood?’komt in de zomer van de drukpers.

Bij het artikel staan twee fragmenten uit de novelle.